Vliegenmepper

Tijdens de zwangerschap van mijn persoontje heeft mijn moeder al visioenen; Ik ben ongetwijfeld de koningin van dit gezin. Mijn drie broers kussen de vloer waarop ik loop. Bij mijn vader kan ik meer potjes breken dan al mijn broers samen. Mijn moeder spendeert kapitalen aan een garderobe die op z’n minst een diva waardig is. De keerzijde van de medaille voorziet ze ook; ik zucht onder de druk van drie broers boven mij. Instinctief probeer ik me dus te handhaven te midden van al dat testosteron.

Mijn oudste broer is een bemoeial pur sang. Vroeg in de ochtend, als ik nog niet zo fris en fruitig ben, informeert hij al naar mijn welbevinden. Aan de ontbijttafel staat hij naast me om de diverse mogelijkheden van het ontbijt uitgebreid toe te lichten. Na schooltijd klimt hij in de bakfiets en hoort mij uit over mijn activiteiten tot dusver. Heb ik een conflict met een van mijn twee andere broers, dan speelt Pim graag de bemiddelaar. Zo af en toe ben ik hem behoorlijk zat en verkoop hem een klap.

Guus is ook al zo’n vervelend mannetje. Hij is nogal een moederskindje. Op zich geen probleem ware het niet dat ik zelf ook nog niet de navelstreng heb doorgeknipt. Ik zit dus graag bij mijn moeder op schoot. Het kan mij dan helemaal niet bekoren als mijn broer even met mijn moeder wil knuffelen. Als een echte meid trek ik gillend aan zijn haar. Meestal huilt hij dan dikke tranen. Van mijn moeder krijg ik een standje. Mijn boer troost ze en kust hem op zijn pijnlijke hoofd. Zodra ze wegkijkt, geef ik hem nog een extra tik.

Mijn jongste, grote broer is in de veronderstelling dat hij mijn beschermer is. Zo speel ik graag met de trappers van de bakfiets. Uit ervaring weet Bas dat ik hier vaak zwarte handjes aan overhoud. Ook is hij op de hoogte van mijn moeder’s afschuw van vlekken op mijn mooie jurkjes. De arme schat probeert daarom mij voor ongelukjes te behoeden. Ik heb zijn bescherming echter niet nodig. Waarderen kan ik het evenmin. Ik voel dan spontaan de neiging opkomen om met mijn armen te gaan maaien.

Mijn vader meent altijd een kusje te kunnen pikken als het hem zo uitkomt. Daar moet ik niets van hebben. Mijn handje komt met grote snelheid gevaarlijk dicht bij zijn gezicht. Mijn moeder rechtvaardigt mijn actie. Straks heb ik nog een mannenfobie. Uit mijn ooghoeken zie ik mijn jongste broer opduiken. In zijn hand houdt hij onze mobiele speeltelefoon. Die wil ik ook hebben. Mijn moeder probeert mij tegen te houden. Woest draai ik mijn om en geef haar een klap recht in haar gezicht.

Scroll naar boven