De ontwikkeling van mijn peuterzijn verloopt volledig volgens schema. Over een drietal maanden mag ik twee kaarsjes op mijn taart uitblazen. Ik ben dus bijna een grote meid. Grote meiden slapen niet meer in de middag. Helaas is deze peuter toch heel erg moe rond het middaguur. Mijn moeder probeert mij de slaapzak aan te trekken. Ik gil als een speenvarken en trap woest met mijn beentjes. Dan legt ze me in bed. Ik ga meteen staan en huil dikke tranen. Een half uur lang. Uiteindelijk heb ik de langste adem.
Het is tijd voor een uitje. Mijn moeder zet me achterop haar fiets. We gaan naar de boerenhoeve. Daar gaan we naar de geitjes en jonge konijnen kijken. Natuurlijk mogen mijn broertjes en ik een ijsje eten op het terras. Het is warm en ik voel me erg loom. Even verderop voelt mijn moeder opeens een hoofdje in haar rug drukken. Ze stapt even af om mij iets meer rechtop te zetten. De zwaartekracht wint het echter overtuigend. Bij aankomst ben ik weer fris en fruitig. De powernap heeft me zichtbaar goed gedaan.
Eenmaal thuis trek ik mijn kleren uit. Ik hobbel lekker door de tuin. Toevallig kom ik langs de loungebank. Ik steek mijn duim in de mond en draai met mijn andere hand een krulletje in mijn haar. Dan buig ik voorover en leg mijn hoofd en bovenlijf te rusten. Even later voel ik me weer fit. Ik wandel vrolijk verder. Bij de trampoline maak ik pas op de plaats. Ik roep mijn moeder voor assistentie. Een tijdje spring ik op en neer. Vermoeidheid maakt zich weer van mij meester; ik ga op mijn rug liggen en sluit mijn oogjes.
Mijn moeder is ook moe en heeft geen zin om te koken. Dus eten we zometeen patat. Die moet mijn moeder wel even halen. Ze pakt de autosleutels en loopt richting de poort. Ik wil heel graag mee en ren achter haar aan. Even later zijn we op weg naar de supermarkt. De auto wiegt heen en weer. Buiten en binnen heersen tropische temperaturen. Dan trekt mijn moeder de schuifdeur open. Het beeld van een slapend kind vertedert haar. Toch moet ze me wakker maken. Gelukkig ben ik meteen vrolijk.
Ik geniet met volle teugen van het avondeten. Toch voel ik dat het voor vandaag mooi is geweest. Ik loop richting de kamerdeur en klim de trap op. Samen met mijn jongste broer maak ik lol onder de douche. Mijn moeder droogt ons af. Dan neemt ze de slaapzak ter hand. Wederom huil ik dikke tranen. Ik kruip weg onder de dekens van mijn ouders. Mijn duim stop ik in mijn mond. Ik besef dat er geen redden meer aan. Mijn moeder kan mij zonder problemen in bed leggen. Dan draai ik me om en val in slaap.
