De pot op

Mijn kleine grote broer Bas is het achtste wereldwonder. Amper twee jaar oud trekt hij de luier van zijn billen. Hij geeft hem aan mijn moeder met de mededeling dat hij deze niet meer nodig heeft. Mijn moeder staat enigszins geslagen te kijken. Nog verbaasder is ze als blijkt dat mijn broer de daad bij het woord voegt. Binnen een paar dagen doet hij zijn behoefte keurig op het toilet. Ook de nacht verloopt zonder ongelukjes. Mijn ouders zijn tevreden; minder luiers scheelt immers in de portemonnee.

Mijn inmiddels wijzer geworden moeder houdt mij na mijn tweede verjaardag als een havik in de gaten. Op een kwade dag betrapt ze me op heterdaad; ik zit stiekem achter de bank in mijn luier te poepen. Ze grijpt me bij de kladden en zet me op het toilet. Ik protesteer hevig; dikke tranen biggelen over mijn wangen en ik schreeuw mijn leed uit. Mijn moeder schaft ter compensatie ondergoed van mijn favoriete tekenfilmfiguren Anna en Elsa aan. Ik ben uiterst content maar zo makkelijk laat ik me niet verleiden.

Mijn broers ondersteunen mij in deze uitdagende tijden. Joelend staan ze naast me als ik op het toilet zit. Zeker nu mijn moeder elke plas of poep van mij beloont met een paar tum tum snoepjes. Mijn broers delen namelijk in deze feestvreugde. Hoewel mijn moeder niet trots is op deze maatregel, oogst ze wel succes. Ik ben letterlijk in een poep en een scheet zindelijk. Het gaat zelfs zo goed dat ze me zonder luier mee op pad neemt. Helaas voor mij en mijn broers stelt ze ook de beloningsregeling naar beneden bij.

Een milde buikgreep gooit het spreekwoordelijk roet in het eten. Ik heb last van diarree. Mijn moeder doet haar uiterste best om te schade te beperken. Anna en Elsa houden het helaas niet droog. De wasmachine draait overuren door de grote hoeveelheid bevuild ondergoed. Dan komt mijn opa mij ophalen voor een logeerpartij. Mijn moeder wil mijn opa niet opzadelen met haar probleem en geeft hem een pak luiers mee. Ik profiteer van de regeling; nu hoef ik onder het spelen geen pitstop te maken.

Na een aantal dagen kom ik goedgemutst weer thuis. Mijn moeder is minder vrolijk. Mijn luier staat -zichtbaar- op knappen. We hebben dus nog een klus samen te klaren, mijn moeder en ik. Huilend zit ik weer op het toilet. Naast mij staan wederom mijn broertjes mij aan te moedigen. Verderop wacht mijn moeder met een goedgevulde snoeppot. Vijf lange dagen leveren we een titanengevecht. Dan geef ik me gewonnen. Mijn moeder is nu ook content; geen luiers schelen namelijk nog meer in de portemonnee.

Scroll naar boven